Terwaan
Ik had het boekje Deleti Morini gelezen, geschreven door J. Van Buggenhout, uitgeverij Flandria Nostra van Torhout.
Er was mij al zoveel verteld over die toenmalige hoofdstad van een strijdbaar volk, voornaam bisdom, heldhaftige grens
van Frankrijk. Die vervloekte stad was in 1552 door Keizer Karel met de grond gelijk gemaakt. Men strooide er zout ten
teken van haar onwederroepelijke vernietiging. Het volk van Vlaanderen en Aartrijke kwam spontaan genieten en vertrok
niet zonder het een of ander mee te nemen als aandenken dat zij hadden meegeholpen aan de vernietiging.
Deleti Morini ! Aan dat alles dacht ik bij het binnenrijden van dat klein stadje in September 2007.
De ruines vond ik benijpend, armzalig. Hoe kan zo'n verleden zo'n verwaarlozing kennen ?
Plaatsnamen doorheen de geschiedenis: Morini, Morinoi en Colonia Morinorum, Morinensis, Teruanensis,
Tarovanna, Tarvenna, Tarwanna, Tarwenna, Terwaan, Terwanen of Terenburg en Thérouanne.
Terwaan was de belangrijkste stad in wat wij nu Frans Vlaanderen noemen. Van sinds de zesde eeuw tot 1553 waren
er 59 bisschoppen. 10 onder hen werden door het volk tot heiligen uitgeroepen. 5 onder hen werden kardinaal en een
Robrecht van Genève, werd Paus Clemens VII.
De plunderingen en verwoestingen in Terwaan
55 vC Caeser trekt tijdens zijn tocht naar Engeland door Terwaan met plunderingen en verwoestingen als gevolg.
De Noormannen verwoestten Terwaan in 850 en een tweede maal in 879. In 936 zal Arnoldus de Grote, graaf van
Vlaanderen, met de heropbouw beginnen. Boudewijn IV bouwt verder tussen 998 en 1035.
Ondertussen was de oorlog tussen Engeland en Frankrijk begonnen. In 1346 wordt Terwaan in brand gestoken door de
Engelsen onder bevel van de graaf van Northampton. Op 9 juni 1486 wordt de stad ingenomen door Maximiliaan van
Oostenrijk. De Franse legers heroveren Terwaan op 25 juli 1487. Met de hulp van de Engelsen werden de Fransen
weer verdreven in 1489 (Slag van de Opgestroopte Mouwen) maar ze kwamen in 1490 terug.
In 1493, bij de vrede van Senlis, verkregen de Fransen dat Terwaan een Franse enclave werd binnen keizerlijk gebied.
In 1513 nieuwe slag van Terwaan (Tweede Sporenslag want in het Franse kamp kwam het tot een wanhopige en
overhaaste vlucht. De zwierige Franse ridders gebruikten inderdaad “meer de sporen dan het zwaard”)
De inwoners werden verdreven, alleen de kerkelijke gebouwen bleven overeind.
Vanaf 1520 herbouwt de Franse koning François I Terwaan, maar zijn troepen doen uitvallen in de omgeving en
worden slecht gezien door de bevolking.
Ondertussen wordt Keizer Karel gekozen als nieuwe koning der Romeinen ten nadele van de andere kandidaat
koning Frans I van Frankrijk. In 1523 ontscheepten de Engelsen 6.000 man te Kales en de gouverneur der
Nederlanden ondernam in de lente van 1524 een krijgstocht tegen Terwaan met 15.000 man.
Het verdrag van Madrid verplichtte François I zijn rechten op Aertrijke (Artois) op te geven, maar wat onbegrijpelijk
overkomt is, dat in dat verdrag, Terwaan en 17 gemeenten uit de streek van Bonen in handen van Frankrijk bleven,
omdat ze aanzien werden als nooit deel te hebben uitgemaakt van de provincie Aertrijcke (Artois).
In 1537 werden de overeenkomsten van Madrid en Crécy door het Parlement van Parijs als nietig uitgeroepen en
herbegon Frans I de oorlog voor de herovering van Atrecht (Arras). Er werd toen overal in Aertrijcke (Artois) gevochten.
De graaf van Egmont kon de vesting Terwaan in 1537 opnieuw innemen, na de Slag van de Poederzakken.
De volkshumor was toen niet mals geweest voor de verliezers van 1537. De poederzakken, die lichtzinnig beloofd
waren ter “bevoorrading” van de belegerden in de stad, leverden door de nederlaag van de Fransen, aan deze korte
veldslag de benaming “Journée des Sacquelets” op. In het Picardisch werd dat op geestige wijze vertaald als
“Journée des Pourettes”, waarbij “pourre” staat voor “poudre” (poeder), en “pourettes” voor “poedertjes” maar ook
voor “stof”. De Fransen waren inderdaad maar “stof” geweest.
Een machtig Frans leger trok opnieuw op om Terwaan weer te heroveren, maar een wapenstilstand werd afgesloten.
Keizer Karel die hierdoor de onafhankelijke heer van Artois werd, verzorgde de bevolking en gaf haar nieuwe vrijheden.
Maar in 1542 vielen de Franse troepen Aertrijcke weer binnen, vernielden het platteland en bezetten de vestigingen van
Arras, Bethune, Ariën en St Omaars. Vele dorpen werden weer geplunderd en moesten geleidelijk ontruimd worden.
De Fransen hadden tegen zich zelf een voorraad aan wrok en haat opgestapeld, die ieder ogenblik kon ontvlammen
Tijdens de veldtochten van 1521, 1535, en 1544 werden meer dan 500 dorpen uit de omgeving geplunderd en verwoest;
tienduizenden stukken vee werden geroofd, duizenden landbouwers mishandeld, geld afgetroggeld en velen verjaagd
uit hun woningen en zodoende blootgesteld aan de ellende van besmettelijke ziekten en de dood.
Dit alles is met zekerheid geweten door de teksten van de kronijkers, en daar het belastbaar inkomen soms volledig
verdween. Deze gruwelijke mishandelingen waren vooral het werk van Franse soldaten, die in Atrecht een vijandelijk
land zagen. Dit alles was het gevolg van de geografische ligging van Terwaan sinds de Vrede van Senlis in 1493.
Als een Frans eiland ingesloten te midden van de Nederlanden, deed Terwaan zich voor als een zweer die geheel de
streek besmette. De soldaten van het garnizoen, konden geen voet buiten de stad zetten zonder een vijandelijk land
te betreden. Ze waren onmeedogend voor iedereen. Bij het lezen van al wat die plaatselijke bevolking sinds vele
jaren onderging zal er daar wel een weerwraakgeest bestaan hebben !
Wij dienen ook nog te wijzen op een ander aspect. Voor het Verdrag van Atrecht (1191) behoorde Terwaan tot het
graafschap Vlaanderen, met als grondgebied de zee vanaf de Schelde monding tot St. Valéry incluis. Vandaar ging het
langs de Somme tot bij Vermandois, om verder het dorp Beaurevoir in Picardië op de bron van de Schelde te vervoegen
en de loop van deze stroom te volgen tot aan zijn monding.
Langzaam kwam Terwaan in de Franse invloedssfeer; vertegenwoordigt door Franse bisschoppen.
Hoe waren de relaties tussen de bisschoppelijke leiding en de bedienaars van het kerkvolk ?
Tot in de 12° eeuw werd in dit Frankisch bisdom uitsluitend Vlaams gesproken. In de 13° eeuw verfranst, maar er was
nog een soort Vlaamsnationaal gevoel op het bisdom, vooral bij de lagere clerus.
Terwaan was een enclave geworden in Vlaams gebied, steeds meer en meer bestuurd door bisschoppen onder het
gezag van de Franse koningen (want door hun benoemd en in hun dienst). Alles moest in dienst van Frankrijk gebeuren.
Verslagen uit die tijd wijzen op ernstige spanningen tussen de bisschoppen en hun ondergeschikten. Die opgelegde
situatie bracht eveneens spanningen waarbij de Vlaamse bevolking de plaatselijke clerus en monniken steunde.
De opstand door de abten der gevestigde abdijen in het land der Morinen tegen de aanstelling van de bisschop door de
koninklijke macht, kon niet anders dan de gelovigen van dit bisdom in hun vrijheidsgevoel mishagen en hun vertrouwen
in de kerkelijke leiding schokken, tot ongeloof drijven, en tot haat doen omslaan.
Hier zien wij wat van uit het Belgisch Vlaanderen tijdens het begin van de 20° eeuw genoemd werd: de acties van de
"onder-pastoors" die korter bij hun "schapen" stonden dan bij hun hiërarchie. Intellectuelen, dichter bij hun volk dan Staatsverantwoordelijken, dragen bij tot een soort volksnationalisme. Dat fenomeen zal ook wel in die zuidelijke
Nederlanden bestaan hebben ?
Is het toevallig dat er een nationaal gevoel bestaat daar waar de Kerk te midden van haar Volk staat. Hierbij denken wij
aan Europese regionale minderheden .. en gebieden waar de Kerk haar Kerkvolk schaamteloos heeft laten vallen.
Het schijnt dus onmogelijk dat een stad als Terwaan met zijn kerken en kathedraal, door een christelijke Keizer Karel V
tot in de grond kon vernietigd worden op grond van het een of ander, zelfs belangrijk geschil. Nog moeilijker is het om
aan te nemen dat het volk rond Terwaan, dat op het ogenblik van de vernietiging daar al in grote mate de taal sprak van
het Franse volk, jubelend rond de vesting opmarcheerde, en er de volledige verdwijning van wenste, zo maar, zonder een
oorzakelijk verband te zoeken.
Hoe kan men tevens begrijpen dat de bevolking de soldaten van alle streken en talen bij deze vernietiging ter zijde
stonden ? Keizer Karel V, geboren in Gent, erft de Spaanse kroon en in 1517 trekt hij naar Spanje. In 1521 wordt hij
keizer van het Heilig Roomse Rijk der Duitse Natie. Tel bij al die Europese gebieden ook nog eens de koloniale
(Spaanse) eigendommen en u begrijpt waarom hij keizer genoemd wordt van een rijk "waar de zon nooit ondergaat".
Vandaar de verschillende talen van zijn soldaten.
Een deel van de geschiedschrijvers legt de schuld op het volk van Vlaanderen, op het onderscheid tussen taal en
cultuur, evenals op het ruw karakter van dit volk. Zijn het niet de menigvuldige tekortkomingen aan de
vrijheidszin, die aan de basis liggen van de "DELETI MORINI" ?
Speelde het taalgevoel een rol ?
Tijdens het Bourgondisch tijdperk 1363 / 1437 was de verstandhouding tussen Vlaanderen en de Bourgondiërs blijkbaar
goed. Hetzelfde kon niet gezegd worden van een regiem dat vanuit Parijs, met zijn koningen en Parlement, de taal van
het volk misprees. Zijn er documenten bekend omtrent taal geschillen in die vroegere tijden ?
Dank zij Internet zullen wij wel meer te weten komen ?
Vervolg : Deleti Morini en wat na 500 jaar ?
terug naar Forum |
Geschreven op 21.3.09 op basis van het boek Deleti Morini van J. Van Buggenhout en Internet documentatie. |